'Saucissonering' of 'salamisering' van projecten: opsplitsing in deelprojecten
Het kunstmatig opsplitsen van één totaalproject in meerdere kleine projecten om zo aan de m.e.r.-plicht te ontsnappen wordt aangeduid als ‘salamisering’ of ‘saucissonering’ van een project. In een recent arrest verduidelijkt de Raad voor Vergunningsbetwistingen dat het opsplitsen van een globaal project in verschillende deelprojecten mogelijk is onder de toepasselijke regelgeving.
Het kunstmatig opsplitsen van een totaalproject is een techniek die gehanteerd worden om te ontsnappen aan de kwantitatieve drempels die de project-m.e.r.-regelgeving oplegt. Deze techniek werd door het Europese Hof van Justitie uitdrukkelijk verboden in haar rechtspraak.[1]
Het onderzoek of een project onterecht wordt opgesplitst in deelprojecten moet rekening houden met de geografische nabijheid, de gelijkenissen tussen de opgesplitste projecten en de wisselwerkingen.[2] De Raad van State verduidelijkte daarenboven dat er rekening gehouden moet worden met de functionele onderlinge afhankelijkheid tussen de deelprojecten. Bijgevolg moet de uitvoering of de realisatie van het ene project afhankelijk zijn van de realisatie van het andere project.[3] De Raad voor Vergunningsbetwistingen toetst de salamisering van projecten aan de hand van het criterium van de onlosmakelijke verbondenheid van de deelprojecten.[4]
De Raad voor vergunningsbetwistingen oordeelde in een recent arrest dat het opsplitsen van de vergunningsaanvraag voor een cafetaria met sanitaire lokalen en kleedkamers tussen het paddelveld en het voetbalveld niet functioneel afhankelijk is van de vergunning verleend voor het inrichten van twee voetbalterreinen, zeven paddelterreinen, een Finse piste en parkeervoorzieningen.[5]
De onlosmakelijke verbonden handelingen moeten volgen de Raad voor vergunningsbetwistingen geval per geval beoordeeld worden door de vergunningverlenende overheid, op basis van de aan de zaak eigen gegevens. Een cafetaria bij sportinfrastructuur is bijgevolg, volgens dit recente arrest, niet voldoende verbonden met de sportinfrastructuur errond om te kunnen spreken van een totaalproject.
Bron: Manou DEBRUYCKERE van LDR Advocaten
[1] H. SCHOUKENS, N. MOSKOFIDIS en J. DE MULDER, Handboek Milieueffectrapportagerecht, Brugge, die Keure, 2016, 349; J. BOUCKAERT, B. SCHELSTRAETE en J. DUBRULLE, “Milieueffectbeoordeling in Vlaanderen (deel 2 project-MER)”, T.Gem. 2015, 141.
[2] HvJ 25 juli 2008, nr. C-142/07, Ecologistas en Accion-CODA/Ayuntamiento de Madrid, par. 45.
[3] RvS 25 maart 2021, nr. 250.223, sa CL Warneton ; RvS 27 oktober 2016, nr. 236.292, Delfosse; RvS 19 mei 2015, nr. 231.228, Buysse; RvS 26 augustus 2010, nr. 207.013, sa Arcoma e.a.
[4] RvVb van 11 december 2025, nr. RvVb/A/2526/0303, p. 6.
[5] [5] RvVb van 11 december 2025, nr. RvVb/A/2526/0303, p. 5-6.